Raad van Kerken Nederland moedigt dialoog aan,
maar ook een heldere getuigenis
De democratie staat onder druk. Boze burgers die het met democratische besluiten oneens zijn, verzetten zich steeds vaker met gewelddadige acties. Hiermee trachten zij de politiek onder druk te zetten zodat deze op haar besluiten terugkomt. Veel analyses benoemen als onderliggende oorzaak de groeiende invloed van wat ‘radicaalrechts gedachtengoed’ heet. Wat vinden wij daarvan als christenen, als kerken?
Ds. Lieuwe Giethoorn
Kerken spreken zich uit
De Raad van Kerken in Nederland heeft deze vraag opgepakt en op 30 april een notitie het licht doen zien over de omgang van de kerken met radicaalrechts gedachtegoed, onder de titel ‘De weg van discipelschap’. De notitie is bestemd voor intern kerkelijk gebruik, dus ook voor ons als plaatselijke (wijk)gemeenten. Want deze ontwikkeling gaat niet aan onze gemeenschap voorbij. Lezen dus!
Kerken moeten over dit onderwerp spreken, vindt de Raad. Dat maakt duidelijk waar kerk en geloof voor staan. Maar dat spreken mag er niet toe leiden dat mensen die sympathie koesteren voor radicaalrechtse denkbeelden gestigmatiseerd worden en zich uitgesloten voelen. Anderzijds moeten de kerken hun eigen taal blijven spreken en niet meeliften met het politieke jargon van de dag.
Menselijke waardigheid
Het stuk opent met de zin: “Uitgangspunt voor kerken bij het denken en spreken over democratie en rechtstaat is de waardigheid van ieder mens.” Rechtstaat en democratie zijn daarbij van grote waarde: “Het is een politieke orde waarin mensen als dragers van waardigheid en rechten erkend worden, waarin macht gespreid is en waarin zwakkeren bescherming krijgen.”
In de afgelopen jaren is de sympathie voor radicaalrechts gedachtegoed toegenomen, ook binnen de kerken. Dit gedachtegoed kan worden herkend aan: gebrek aan respect voor democratische waarden, waarheid en wetenschap; aan verheerlijking van kracht en macht; en aan minachting voor dienstbaarheid en kwetsbaarheid. Het vormt een bedreiging voor de rechtstaat en daarmee ook voor het christelijk geloof.
Maatschappelijke veranderingen

De notitie schetst de maatschappelijke veranderingen die hiertoe hebben geleid. We komen uit een wereld waarin westerse beschaving, christelijk geloof en materiële vooruitgang nauw met elkaar verbonden waren.
Maar hierin zijn barsten ontstaan: economische welvaart heeft het gemeenschapsgevoel aangetast, het christelijk geloof heeft haar zeggingskracht verloren, en het toekomstperspectief is niet langer rooskleurig voor onze kinderen. Bovendien klinken steeds meer kritische stemmen over onze koloniale geschiedenis waardoor ons zelfbeeld wordt aangetast. En de klimaatcrisis en de toegenomen militaire dreiging zorgen voor onzekerheid en angst.
En daar komt bij de komst van migranten en vluchtelingen naar ons land in de afgelopen decennia en de opkomst van de radicale islam. Vooral deze factoren zijn een aanjager voor de groei van radicaalrechts gedachtegoed in heel Europa.
Door dit alles is een gevoel van onbehagen ontstaan over de wereld waarin wij nu leven. Men verlangt terug naar een ‘verloren gegane gouden eeuw’.
Daarbij wordt vergeten dat dit verleden verre van ideaal was. Er waren toen diepe kloven in de samenleving, er was veel armoede en discriminatie.
Maar uit die heimwee naar vroeger spreekt ook een oprecht verlangen naar bezieling en gemeenschap. De kerken moeten dit verlangen serieus nemen en honoreren.
Bedreigde democratie
Volgens de Raad is er een nauw verband tussen rechtstaat, democratie en christendom. Voor Christus is ieder mens gelijk. En recht en gerechtigheid zijn belangrijke waarden in de hele Bijbel. Deze vinden we terug in het huidige internationale recht en de democratie. Nederlandse kerken zijn daarom zuinig op de democratische rechtstaat, waarin minderheden worden beschermd.
Zij verwerpen de gedachte dat de ene mens meer waard is dan de andere. En zij verwerpen ook “radicaalrechts gedachtegoed dat antidemocratisch en racistisch is en masculiniteit verheerlijkt”.
Cultuurchristendom versus navolging van Christus
De kerken moeten hun eigen taal blijven spreken. Daarvoor is nodig, aldus de raad, dat we onderscheid maken tussen “christendom als cultuur of erfgoed” en “christenzijn als het volgen van Jezus”.
Betoogd wordt dat de westerse cultuur mede gevormd is door het christendom, maar daar nooit mee samenvalt. Het Koninkrijk van God reikt altijd verder dan de heersende cultuur. Waardering voor de ‘joods-christelijke’ cultuur kan daarom niet worden gebruikt om mensen met een andere achtergrond te diskwalificeren.
Discipelschap
De kerken stellen twee wegen voor: (1) open staan voor dialoog met mensen van verschillende overtuigingen (2) helder getuigenis geven van christelijke waarden.
De kerk kan ruimte scheppen voor ontmoeting en samenwerking stimuleren. Iedereen mag zich welkom weten met zijn of haar eigen verhaal. Tegelijkertijd moeten we in ons spreken en handelen geloofwaardig blijven. Waarden die strijden met die van het geloof in Christus moeten we benoemen en kritisch bevragen.
“Het woord ‘discipelschap’ kan daarbij helpen.” Discipelschap begint met mensen, zoals wij zijn, maar het laat ons niet onveranderd. Het is een beweging van erkenning en verandering. Het is ook een langzame en trage weg. Snelle en eenvoudige antwoorden zijn daarop niet te vinden. Het is een weg die ons kan verbinden en tegelijkertijd scherp en kritisch kan houden.
De notitie besluit met een paar concrete aanbevelingen.
De notitie is te lezen via deze link. Daar is ook een gesprekshandreiking te vinden.
Dit artikel verscheen eerder in Kerk in Stad 15 – 2026, www.kerkinstad.nl