Mens in theater in kerk in stad

Op 16 mei ging Op het Spel in première, een muzikale theatervoorstelling om en in de Nieuwe Kerk. Een voorstelling over onze zorg om het klimaat en over het belang van spelen. Op een lichtvoetige manier verbinden we serieuze thema’s: schepping, rentmeesterschap, rechtvaardig leiderschap, inspiratie, gemeenschap-zijn en mens-zijn. Niet dat deze thema’s allemaal concreet genoemd worden, integendeel, we laten ze gebeuren. We leggen niets uit, maar we spelen, we maken muziek en vertellen verhalen. En zo hopen we dat ons publiek iets van deze thema’s zal ervaren.

Kees van der Zwaard, theoloog en theatermaker

Of wij mensen nou naar de kerk of naar het theater gaan – altijd nemen we onszelf mee, met onze geschiedenis, ons humeur, onze relaties – kortom: ons levensverhaal. In de kerk worden onze levensverhalen opgenomen in de liturgie. De ene dag zul je je plek meer vinden in het kyrie, de andere dag juist in het gloria, of in het verlangen om de zegen te ontvangen, of in een degelijke preek die je te denken geeft.

In het theater is er natuurlijk niet zo’n bekende ‘orde van dienst’, maar – als het goed is – heeft een voorstelling wel een vergelijkbare spanningsboog. En nee, niet iedereen verlaat het theater gezegend. Soms omdat de voorstelling niet verder komt dan zoiets als een kyrie: uitspelen wat er allemaal niet deugt of uitbeelden hoe een familie zichzelf helemaal naar de knoppen helpt. Soms omdat we de taal waarin ons iets goeds wordt gegund niet verstaan als zegen.

In de kerk worden ons bijbelverhalen als oer- en bronverhalen aangeboden en worden we uitgenodigd om ons levensverhaal daarin terug te horen en ons af te vragen: wie ben ik?, wie zijn wij? En ja, we hopen dat we onszelf verstaan in het licht van de Eeuwige of in elk geval dat de Eeuwige ons verstaat in dat licht. Niet voor niks zingt de psalm: ‘Heer, die mij ziet zoals ik ben, dieper dan ik mijzelf ooit ken…’

In het theater krijgen we eveneens verhalen voorgeschoteld – in woord, beeld, beweging en licht. Soms refereren die verhalen aan oer- en bronverhalen, maar hoe dan ook, het zijn altijd antwoorden op de vraag ‘wie ben ik?’ – zelfs als dat antwoord volslagen onhelder blijft. Ook dat is een antwoord op ‘wie ben ik?’: ik weet het niet. Een antwoord dat dicht tegen de onkenbaarheid van zichzelf uit Psalm 139 aan ligt.

In Op het Spel komen de werelden van kerk en theater bij elkaar. Over de voorstelling ga ik hier nu niet veel verklappen: kom vooral kijken! Maar een paar achtergronden kan ik hier wel delen.

De Koning van Groningen is oprecht bezorgd over het klimaat en vraagt zich af hoe hij juist nu een goede koning moet zijn. Die vraag plaatst hem rechtstreeks tegen de achtergrond van Psalm 72 en het gebed van Salomo. Dat onze Groningse Koning niet meteen de meest wijze beslissingen neemt, maakt hem ook een lotgenoot van David en Salomo. Maar hij stelt de vraag en dat siert hem.

De Minister van Droefheid, die moet controleren of de kinderen zich echt aan de regels houden, kan zo optreden in een brief van Paulus over leven naar de letter of de geest. En wellicht zou zij goed bevriend kunnen zijn met de oudste zoon uit de parabel in Lucas 15. Lekker samen klagen over goedheid, die zich aandient.

Ouma – de vrouw van verhalen over aarde, lucht, water en vuur – is een zielsverwant van Sophia, vrouwe Wijsheid uit Spreuken 8 en 9. Maar je kunt haar ook in de brieven van Paulus terugvinden als een vertegenwoordigster van de dwaasheid die wijsheid is.

En nee, dat wordt allemaal niet gezegd in de voorstelling. Elke toeschouwer mag er ook iets anders in zien. Het gaat er niet om dat het wordt uitgelegd en begrepen, het gaat om geraakt en bevraagd worden: wie ben ik in dit verhaal? Waar biedt dit verhaal mij een plaats om te schuilen? Wanneer word ik uitgedaagd om op te staan en me uit te spreken en te handelen? Welk verhaal vertel ik eigenlijk aan kinderen die de toekomst somber inzien? Met al deze vragen wordt Op het Spel concreet Kerk in Stad.

En dan de kinderen. Ze komen uit de buurt, de wijk, de kerk, de stad. Ze komen uit de wereld van verbeelding. Met volle aandacht voor de poes, een dwarrelend boomblad, je bewegende hand, hun springende gedachten.

Moeten wij worden als zij? Laten we eerst van ze genieten. In hun lef, hun plezier, hun afgeleid zijn, hun onbeholpenheid, hun kwetsbaarheid en hun enthousiasme waarmee ze zich laten inspireren. Zij zijn de zegen. Het is aan ons of we die ontvangen.

Zie voor Op het Spel: www.ophetspel2024.nl.

Kees van der Zwaard is de schrijver van Op het Spel, theoloog en theatermaker. Sinds 2019 werkt hij parttime als predikant in de Oecumenische Janskerkgemeente te Utrecht. Tegelijk met de voorstelling verschijnt het bijbehorende prentenboek De boom die bang was voor een roodborstje met tekeningen van Janneke Hoek. In november publiceert Kees bij Uitgeverij Zilt Spiegelfamilie – een bijbel in monologen, met tekeningen van Sylvia Weve.

Dit artikel verscheen eerder in Kerk in Stad 9 – 7 mei 2024 – kerkinstad.nl.

Scroll naar boven